Je staat in de dierenwinkel voor het schap en je weet even niet waar je het zoeken moet. Er zijn honderden soorten zakken, blikken en worsten die allemaal beweren het allerbeste te zijn voor jouw maatje. Je wilt natuurlijk dat je trouwe viervoeter zo lang mogelijk fit en vrolijk rond rent. Goede voeding is daarbij de brandstof voor een lang en gelukkig leven. Maar hoe pik je de juiste optie eruit tussen al die marketingkreten en mooie plaatjes?

Draai de zak eens om

Laat je niet verleiden door de mooie foto van een biefstuk op de voorkant. De echte waarheid vind je namelijk in de kleine lettertjes op de achterzijde. Honden zijn van oorsprong vleeseters, dus een dierlijke eiwitbron moet bovenaan de lijst staan. Pas op met voer dat vooral bestaat uit goedkope granen zoals tarwe of maïs, want dat zijn vaak vulstoffen. Heb je bijvoorbeeld een labradoodle of een ras dat bekendstaat om gevoelige darmen, dan is graanvrij vaak een veilige route. Wees ook kritisch op vage termen zoals ‘bijproducten’, want je wilt precies weten wat er in de bak belandt.

Elke leeftijd vraagt iets anders

Je kunt je voorstellen dat een stuiterende pup andere energie nodig heeft dan een senior die vooral ligt te slapen. Een jonge hond in de groei moet sterke botten en spieren ontwikkelen en vraagt om specifieke bouwstoffen. Geef je datzelfde rijke voer aan een oudere hond, dan ligt overgewicht al snel op de loer. Kijk dus kritisch naar de levensfase en de activiteit van je dier. Wandelen jullie elke dag uren door het bos, of is een blokje om vaak al genoeg? Stem de hoeveelheid en het type voer hierop af om je maatje mooi op gewicht te houden.

Brokken, blik of toch vers?

De discussie over wat nu de beste vorm is, wordt op elk hondenveldje wel gevoerd. Krokante brokken zijn gemakkelijk in gebruik, relatief goedkoop en helpen tandplak te verminderen door het kauwen. Veel dieren vinden natvoer uit blik echter veel lekkerder en het bevat extra vocht. Tegenwoordig kiezen ook steeds meer baasjes voor vers vlees uit de diepvries, omdat dit dicht bij de natuur staat. Er is geen absoluut goed of fout, zolang de samenstelling maar compleet is. Kijk vooral wat praktisch werkt voor jou en waar je dier het goed op doet.

Gooi het roer niet zomaar om

Heb je besloten dat het tijd is voor een nieuw merk? Doe dit dan alsjeblieft niet van de ene op de andere dag. De darmen van je viervoeter zijn gewoontedieren en kunnen flink van slag raken door een plotse wissel. Het resultaat is vaak buikpijn, winderigheid of dunne ontlasting, en daar wordt niemand blij van. Pak er liever een week de tijd voor. Meng de eerste dagen een klein beetje nieuw voer door het oude en bouw de verhouding langzaam op. Zo kan het spijsverteringsstelsel rustig wennen aan de nieuwe ingrediënten.

Jouw dier is de graadmeter

Uiteindelijk vertelt je hond je precies of je de juiste keuze hebt gemaakt. Kijk goed naar hoe hij/zij in zijn/haar vel zit, letterlijk en figuurlijk. Een glanzende vacht, heldere ogen en een vrolijk humeur zijn de beste signalen van goede voeding. Ook wat je opraapt tijdens het uitlaten vertelt een belangrijk verhaal. De ontlasting moet stevig zijn en makkelijk op te pakken. Merk je dat je dier zich veel krabt, dof kijkt of weinig energie heeft? Dan is het misschien toch tijd om die ingrediëntenlijst nog eens kritisch te bekijken.