Op de eerste openbare rechtszitting in Assen rond het dodelijk schietincident in Coevorden, waarbij een 21-jarige man uit Emmen om het leven is gekomen, stonden drie verdachten terecht. Twee van hen worden door het Openbaar Ministerie (OM) gezien als de schutters. Een van hen is minderjarig (16).
Zij worden verdacht van moord, driemaal poging tot moord en wapenbezit. De derde verdachte wordt in verband gebracht met de wederrechtelijke vrijheidsberoving die voorafging aan het schietincident. Alle drie verdachten blijven langer in voorlopige hechtenis.
Waar het OM eerder de wederrechtelijke vrijheidsberoving en het levensdelict als twee afzonderlijke zaken zag, heeft onderzoek inmiddels uitgewezen dat de beide incidenten niet los van elkaar te zien zijn. Wat de precieze achtergrond van het conflict is geweest, blijft voor het OM onduidelijk. Getuigen en verdachten lijken daarover niet te willen verklaren.
Wat het OM betreft staat het schietincident wel voldoende vast gelet op de beelden en de verklaringen van verdachten. De rol van het slachtoffer, Remmelt Wolters uit Emmen, die door één van de kogels geraakt is en daaraan is komen te overlijden, is tot op heden onduidelijk gebleven. Het OM vermoedt vooralsnog dat hij geen actieve rol had in het conflict.
Het onderzoek is nog niet afgerond. Kortgeleden zijn in Duitsland vuurwapens aangetroffen die zeer vermoedelijk gebruikt zijn bij het schietincident. Zodra de wapens zijn overgeleverd naar Nederland worden deze uitgebreid onderzocht. Daarnaast vinden nog persoonlijkheidsonderzoeken plaats.
De officier is van mening dat verdachten in voorlopige hechtenis moeten blijven. “Er is iemand om het leven gebracht door heftig vuurwapengeweld in het uitgaanscentrum. Daarnaast hadden er meer mensen geraakt kunnen worden. Het recht werd daarbij in eigen hand genomen. Het zou de samenleving schokken als verdachten hun proces in vrijheid zouden mogen afwachten. Hiermee is er ook geen ruimte voor schorsing.”
De rechtbank heeft besloten dat de voorlopige hechtenis van de verdachten wordt verlengd tot aan de volgende pro forma zitting, die gepland staat op 13 januari 2026.



